maandag 4 februari 2013

Haring, oorlog en kaarten

Op vrijdag hebben Lupineke en Anna krijgsraad gehouden. Er zijn volop plannen gesmeed over wat er 'nu' gedaan moet, welke nieuwe wegen er bewandeld kunnen en hoe alle vondsten gepresenteerd zullen worden.
Dit vraagt even geduld aan de lezers. Deze maand nog komt het eerste telpatroon zeker online.

Haringbuis


Nu maken we een uitstapje naar, alweer, de Shetlands. Deze eilanden zijn al eeuwen een belangrijk visgebied voor Zeeuwen en Hollanders. Rond 1380 wordt het haringkaken uitgevonden. Deze vondst wordt in het algemeen toegeschreven aan Willem Beukelszoon uit Biervliet (Zeeuws-Vlaanderen).
Door het kaken blijft de vis langer goed, zeker als deze wordt ingelegd in zout. Dit geeft een enorme impuls aan de economie in Zeeland: Brouwershaven, Westenschouwen en Zierikzee, maar ook Veere en Vlissingen zijn belangrijke markten voor vissers en handelaren.
Plaatsen zoals Tholen, Hulst en Reimerswaal profiteren van de enorme vraag naar zout.



De haring komt al lang niet meer alleen van bij de Zeeuwse kust. De vis blijft langer goed en kan daardoor van verder weg gelegen, rijkere visgronden gehaald worden. Aan het begin van de 15e eeuw wordt een nieuw type schip ontwikkeld: de haringbuis. Daarmee varen de Zeeuwen naar Shetland en Orkney. Met alle politieke perikelen in de 16e eeuw en het uitbreken van de 80-jarige oorlog in 1568 wordt het varen buiten de territoriale wateren te gevaarlijk en vervalt deze haring industrie even snel als zij opkomt.

Ptolemaeus


Shetland en Orkney zijn belangrijker voor Zeeuwen en Hollanders dan voor de Britten. De oudst bekende kaart van de eilanden is van Claudius Ptolemaeus. Claudius leeft van ongeveer 90 - 150 in Alexandrië (Egypte). Het getuigt van enorme kennis en kunde dat hij de eilanden op een topografische kaart weet te plaatsen.

Willem Blaue (geb: Uitgeest of Alkmaar)


Dan volgt er een hele poos vrijwel niets tot in de 15e eeuw kaarten verschijnen met daarop de namen Hetlandia, Hitlandt, Scetis, Scetland, Schetlandia en Estland. Namen waaronder de eilanden eerder bij Zeeuwen en Hollanders dan bij Schotten en Engelsen bekend zijn. De eilanden waren voor Schotten en Engelsen economisch gezien veel minder belangrijk dan voor de Nederlanders. En daarmee komen we dan weer bij de (H)itse muts terecht.

Scheveningse logger


In de 19e eeuw wordt de haringbuis vervangen door de sloep. De sloep wordt vooral in de Zuidelijke Nederlanden gebruikt voor het vissen op haring, schelvis en kabeljauw. Noordelijker komt de logger meer in zwang. Het is met deze loggers dat de vissers (opnieuw) naar de Shetlands varen voor haring. Daar vandaan wordt behalve haring ook breiwerk meegenomen. Zo zijn we terug bij de visserstruien.


Geen opmerkingen: